3

Google’s 200 rankingfactoren: de complete lijst

Google gebruikt ongeveer 200 rankingfactoren in zijn algoritme…

Maar wat zijn die factoren in hemelsnaam?

Hieronder vind je de complete lijst.

Sommige zijn bewezen.

Sommige zijn controversieel.o

Andere zijn speculatie van SEO-nerds.

Maar ze zijn er allemaal.

Domeinfactoren

1. Domeinleeftijd

In deze video zegt Matt Cutts:

“The difference between a domain that’s six months old versus one year old is really not that big at all.”

Met andere woorden, Google gebruikt domeinleeftijd…maar het is niet ontzettend belangrijk.

2. Zoekwoord staat in het Top Level Domain

Dit heeft niet meer hetzelfde effect als vroeger, maar als jouw domeinnaam je primaire zoekwoord bevat, geeft dit nog steeds een relevantie-signaal aan Google. In de zoekresultaten geeft Google ook nog steeds zoekwoorden die in een domeinnaam staan vetgedrukt weer.

3. Zoekwoord als eerste woord in de domeinnaam

Een domeinnaam die begint met het belangrijkste zoekwoord heeft een voordeel ten opzichte van sites die het zoekwoord niet in de domeinnaam hebben staan of die het zoekwoord in het midden of eind van de domeinnaam hebben staan.

4. Lengte van de domeinregistratie

Een patent van Google zegt het volgende:

“Valuable (legitimate) domains are often paid for several years in advance, while doorway (illegitimate) domains rarely are used for more than a year. Therefore, the date when a domain expires in the future can be used as a factor in predicting the legitimacy of a domain”.

5. Zoekwoord in subdomeinnaam

In 2011 was het Moz-panel het erover eens dat een zoekwoord in het subdomein een voordeel oplevert voor de rankings:

6. Domeingeschiedenis

Een site die al veel verschillende eigenaren heeft gehad (via Whois) of die meerdere keren naar beneden gevallen is in de rankings, kan Google ertoe bewegen om de geschiedenis van de site te “resetten”. Hierbij worden de links die naar het domein wijzen voortaan genegeerd.

7. Exact Match Domain

Een Exact Match Domain (waarbij de domeinnaam exact hetzelfde is als het belangrijkste zoekwoord waar je op wilt ranken) kan nog steeds een voordeel opleveren…..als het een kwaliteitssite is. Maar als de EMD van lage kwaliteit is, is hij kwetsbaar voor Google’s EMD-update:

EMD-update

8. Openbare vs. afgeschermde WhoIs

Afgeschermde WhoIs-informatie kan een teken zijn dat de site-eigenaar “iets te verbergen heeft”. Matt Cutts heeft daar tijdens Pubcon 2006 het volgende over gezegd:

“…When I checked the whois on them, they all had “whois privacy protection service” on them. That’s relatively unusual. …Having whois privacy turned on isn’t automatically bad, but once you get several of these factors all together, you’re often talking about a very different type of webmaster than the fellow who just has a single site or so.”

9. Bestrafte WhoIs-eigenaar

Als Google een bepaald persoon als een spammer heeft geïdentificeerd, ligt het voor de hand dat ook andere sites in eigendom van diezelfde persoon aan een nader onderzoek worden onderworpen.

10. Land-specifieke TLD-extensie

Een landspecifieke extensie voor het Top Level Domain (.nl, .be) helpt de site om te ranken in dat specifieke land…maar het beperkt de mogelijkheden van de site om wereldwijd te ranken.

Paginafactoren

11. Zoekwoord in de titel

De titel (de “title tag”) is (na de content van de pagina) het belangrijkste element van een webpagina. Het geeft een sterk on-page SEO-signaal.

12. De titel begint met het zoekwoord

Volgens data van Moz, doen titels met het zoekwoord aan het begin het beter dan titels die het zoekwoord aan het eind hebben staan:

Title tag

13. Zoekwoord in de meta-beschrijving

Weer een relevantie-signaal. Niet echt belangrijk meer nu, maar het heeft nog steeds een klein effect.

14. Zoekwoord in de H1-tag

H1-tags zijn een “tweede title-tag” die een extra relevantie-signaal aan Google geven, volgens deze correlatie-studie:

H1 ranking studie

15. Zoekwoord is het meest gebruikt in de tekst

Een zoekwoord dat vaker voorkomt in de tekst dan andere zoekwoorden, is een relevantie-signaal.

16. Lengte van de tekst

Een langere tekst is breder en diepgaander en doet het naar alle waarschijnlijkheid beter in Google dan kortere, oppervlakkige artikelen. SERPIQ concludeerde dat de lengte van een tekst correleert met de positie in de zoekresultaten:

Content-lengte

17. Zoekwoorddichtheid

Ook al is het tegenwoordig niet zo belangrijk meer, zoekwoorddichtheid is nog steeds een factor die Google gebruikt om het onderwerp van een webpagina vast te stellen. Maar als je een te hoge zoekwoorddichtheid hebt, kan het juist weer tegen je gaan werken.

18. Latent Semantic Indexing-zoekwoorden in de tekst (LSI)

LSI-zoekwoorden helpen zoekmachines om de betekenis te begrijpen van woorden met meer dan een betekenis (Apple het computermerk in plaats van het fruit). De aanwezigheid/afwezigheid van LSI fungeert waarschijnlijk ook als een kwaliteitssignaal voor de content.

19. LSI-zoekwoorden in de titel en meta-description

Net als in het geval van de tekst, helpen LSI-zoekwoorden in de metatags van de pagina Google om onderscheid te maken tussen synoniemen. Dit kan ook als een relevantie-signaal werken.

20. Laadsnelheid aan de hand van HTML

Zowel Google als Bing gebruikt de laadsnelheid van een pagina als rankingfactor. Spiders van zoekmachines kunnen de laadsnelheid vrij accuraat schatten aan de hand van de HTML-code en de bestandsgrootte van een pagina.

21. Dubbele inhoud (duplicate content)

Dubbele, of vrijwel dubbele inhoud (duplicate content) op dezelfde site kan een negatieve invloed hebben op de rankings.

22. Rel=Canonical

Als deze tag op de juiste manier wordt gebruikt, kan voorkomen worden dat Google pagina’s als duplicate content aanmerkt.

23. Laadsnelheid aan de hand van Chrome

Google gebruikt mogelijk Chrome-gebruikersgegevens om een beter inzicht te krijgen in de laadsnelheid van een pagina, aangezien deze data ook rekening houdt met serversnelheid, gebruik van een CDN en andere niet-HTML-gerelateerde snelheidsfactoren.

24. Optimalisatie van afbeeldingen

Afbeeldingen op een pagina geven zoekmachines belangrijke relevantiesignalen aan de hand van hun bestandsnaam, alt-tekst, titel en beschrijving.

25. Hoe recent zijn de laatste updates

De Google Caffeine-update geeft de voorkeur aan recent geüpdatete content, vooral voor tijd-sensitieve zoekopdrachten. Om het belang van deze factor te onderstrepen, laat Google soms de datum van de laatste update van een pagina zien:

26. Omvang van content-updates

De omvang van wijzigingen van de content is ook een factor in het beoordelen van hoe up-to-date het artikel is. Als hele secties zijn toegevoegd of verwijderd is dat een significantere update dan wanneer slechts de volgorde van enkele woorden is aangepast.

27. Geschiedenis van updates van de pagina

Hoe vaak is de pagina al geüpdatet? Is dit dagelijks gebeurd, wekelijks of eens in de 5 jaar? De frequentie van pagina-updates speelt een rol bij de beoordeling hoe up-to-date de pagina is.

28. Hoe prominent is een zoekwoord

Als een zoekwoord genoemd wordt in de eerste 100 woorden van een artikel, is dat een significant relevantiesignaal.

29. Zoekwoord in H2-, H3-tags

Als het zoekwoord voorkomt in de subkopjes H2 en H3, is dit weer een (zwak) relevantiesignaal. Het panel van Moz onderschrijft dit:

H2 tag

30. Woordvolgorde zoekwoord

Een exacte match van het zoekwoord in de tekst zal over het algemeen beter ranken dan hetzelfde zoekwoord in een andere volgorde. Neem bijvoorbeeld het zoekwoord “schaap scheertechnieken”. Een pagina die geoptimaliseerd is voor de zoekterm “schaap scheertechnieken” zal beter ranken voor die specifieke zoekterm dan een pagina die geoptimaliseerd is voor de zoekterm “technieken voor het scheren van een schaap”. Dit is een goede illustratie van het grote belang van zoekwoordenonderzoek.

31. De kwaliteit van externe links

Veel SEO-specialisten denken dat het linken naar autoriteitswebsites helpt om meer betrouwbaarheid te krijgen in de ogen van Google.

32. Het onderwerp van de pagina’s waarnaar je extern linkt:

Volgens Moz gebruiken zoekmachines de inhoud van de pagina’s waarnaar je linkt als een relevantiesignaal. Bijvoorbeeld, als je een Engelstalige website hebt over auto’s (“cars”) en je linkt naar andere webpagina’s die over films gaan, dan kan dat een signaal zijn aan Google dat je pagina over de animatiefilm Cars gaat, en niet over auto’s.

33. Grammatica en spelling 

Correcte grammatica en spelling is een kwaliteitssignaal. Let wel dat Matt Cutts in 2011 niet helemaal duidelijk was over de vraag of dit al dan niet belangrijk is.

34. Contentsyndicatie

Is de content op de pagina uniek? Als de content gescrapet of gekopieerd is van een andere webpagina die al in de index van Google staat, dan zal de pagina niet zo goed ranken als het origineel. Of het wordt geplaatst in de “supplemental index“.

35. Nuttige aanvullende content

Volgens de kwaliteitsrichtlijnen van Google is nuttige aanvullende content een indicator van de kwaliteit van een pagina (wat dus zal leiden tot betere rankings). Voorbeelden zijn valutaconversietools, calculators om rentes te berekenen en interactieve recepten.

36. Aantal externe links

Te veel dofollow externe links kunnen PageRank “lekken”, wat de rankings van een webpagina negatief kan beïnvloeden.

37. Multimedia

Afbeeldingen, video’s en andere multimedia-elementen fungeren waarschijnlijk als een kwaliteitssignaal voor de content.

38. Aantal interne links die naar de pagina wijzen

Het aantal interne links naar een pagina is een indicatie van het belang van die pagina in verhouding tot andere pagina’s op de site.

39. Kwaliteit van interne links die naar de pagina wijzen

Interne links vanaf pagina’s met een hoge autoriteit hebben een sterker effect dan links vanaf pagina’s met een lage of geen PageRank.

40. Gebroken links

Te veel gebroken links op een pagina is een teken van een verwaarloosde of niet meer bijgehouden site. De kwaliteitsrichtlijnen van Google gebruiken gebroken links als een factor om de kwaliteit van een homepage te beoordelen.

41. Leesniveau

Het lijdt geen twijfel dat Google het leesniveau van webpagina’s inschat. Google gaf voorheen ook statistieken over het leesniveau:

Google reading level

Wat ze doen met die informatie is niet helemaal duidelijk. Sommigen zeggen dat een basic leesniveau helpt om beter te ranken, omdat het leesbaar is voor een grotere groep mensen. Maar anderen associëren een basic leesniveau weer met contentfabrieken van lage kwaliteit, zoals Ezine Articles.

42. Affiliate-links

Affiliate-links op zichzelf hebben waarschijnlijk geen negatief effect op je rankings. Maar als je er te veel hebt, is het aannemelijk dat het algoritme van Google sterker gaat letten op andere kwaliteitssignalen om te kijken of je geen affiliate-site bent van lage kwaliteit.

43. HTML-fouten/W3C-validatie

Veel HTML-fouten of slordige code kan een teken zijn van een site van lage kwaliteit. Hoewel dit niet onomstreden is, denken veel SEO-specialisten dat WC3-validatie een kwaliteitssignaal is.

44. Domeinautoriteit

Een pagina op een domein met hoge autoriteit zal hoger ranken in Google dan een pagina op een domein met minder autoriteit.

45. PageRank van een pagina

Hier is geen perfecte correlatie. Maar in het algemeen zullen pagina’s met een hogere PageRank hoger ranken dan pagina’s met een lagere PR.

46. Lengte van de URL

Volgens Search Engine Journal kunnen excessief lange URL’s de rankings van die pagina in de zoekresultaten negatief beïnvloeden.

47. URL-pad

Als een pagina dichter bij de homepage staat qua URL-pad, dan kan dit een kleine autoriteits-boost geven.

48. Kwaliteitsbeoordelaars

Hoewel Google dit nooit heeft bevestigd, is wel duidelijk dat ze een patent aangevraagd hebben voor een systeem waarbij kwaliteitsbeoordelaars de rankings kunnen beïnvloeden.

49. Categorie van een pagina

De categorie waar een pagina onder valt, is een relevantiesignaal. Een pagina die valt onder een sterk gerelateerde categorie zou een relevantie-boost moeten krijgen ten opzichte van een pagina die onder een ongerelateerde of minder gerelateerde categorie valt.

50. WordPress-tags

Tags zijn een relevantiesignaal voor WordPress-websites. Volgens Yoast.com:

“The only way it improves your SEO is by relating one piece of content to another, and more specifically a group of posts to each other”

51. Zoekwoord in de URL

Dit is weer een belangrijk relevantiesignaal.

52. URL-string

De categorieën in de URL-string worden door Google gelezen en kunnen mogelijk een signaal geven aan Google waar de pagina over gaat:

URL string

53. Bronvermeldingen

Verwijzingen naar bronnen, zoals onderzoeksrapporten dat doen, is waarschijnlijk ook een kwaliteitssignaal. De kwaliteitsrichtlijnen van Google geven aan dat beoordelaars moeten letten op bronverwijzingen als ze bepaalde pagina’s bekijken:

“This is a topic where expertise and/or authoritative sources are important…”

Aan de andere kant heeft Google wel ontkend dat je een voordeel kunt behalen met het linken naar externe bronnen.

54. Bullets en genummerde lijsten

Bullets en genummerde lijsten helpen om je content overzichtelijk te houden voor lezers, waardoor je content gebruiksvriendelijker is. Google is het hier naar alle waarschijnlijkheid mee eens en geeft mogelijk de voorkeur aan content die bullets en genummerde lijsten bevat.

55. Prioriteit van de pagina in de Sitemap

De prioriteit die aan een pagina wordt gegeven in het sitemap.xml-bestand kan de rankings beïnvloeden.

56. Te veel externe links

Een citaat uit de eerder genoemde kwaliteitsrichtlijnen:

“Some pages have way, way too many links, obscuring the page and distracting from the Main Content.”

57. Aantal andere zoekwoorden waar de pagina op rankt

Als de pagina ook rankt op meerdere andere zoekwoorden, kan dit een signaal voor Google zijn dat de pagina belangrijk is.

58. Leeftijd van de pagina

Hoewel Google de voorkeur geeft aan recente content, kan een oudere pagina die regelmatig geüpdatet wordt mogelijk beter ranken dan een nieuwere pagina.

59. Gebruiksvriendelijke layout

Weer een citaat uit de kwaliteitsrichtlijnen:

“The page layout on highest quality pages makes the Main Content immediately visible.”

60. Geparkeerde domeinen

Een Google-update in december 2011 verlaagde de rankings van geparkeerde domeinen.

61. Nuttige content

Google maakt mogelijk onderscheid tussen “kwaliteitscontent” en “nuttige content”.

Websitefactoren

62. Content is waardevol en geeft unieke inzichten

Google heeft aangegeven dat sites die niks nieuws of nuttigs bevatten lager worden geplaatst in de zoekresultaten. Het gaat vooral om affiliate-sites met matige content.

63. Contactpagina

De kwaliteitsrichtlijnen geven aan dat Google de voorkeur geeft aan sites die duidelijke contactinformatie geven. Waarschijnlijk is het een bonus als je contactinformatie matcht met je WhoIs-info.

64. Betrouwbaarheid van een domein/TrustRank

De betrouwbaarheid van een domein – gemeten door hoeveel links je site verwijderd is van gereputeerde websites – is een gigantisch belangrijke betrouwbaarheidsfactor. Je kunt hier meer lezen over TrustRank.

65. Architectuur van de site

Een goede site-architectuur (en vooral het gebruik van zogenaamde silo’s) helpt Google om je content te organiseren aan de hand van het thema.

66. Updates van de site

Hoe vaak een site wordt geüpdatet – en vooral wanneer nieuwe content aan de site wordt toegevoegd – bepaalt hoe up-to-date Google de site vindt.

67. Aantal pagina’s

Het aantal pagina’s van een site telt in beperkte mate mee bij het beoordelen van de autoriteit van de website. In ieder geval zorgt een grote site ervoor dat je waarschijnlijk niet gezien wordt als een affiliate-site van lage kwaliteit.

68. Aanwezigheid van een sitemap

Een sitemap helpt zoekmachines om je pagina’s makkelijker en beter te indexeren, wat de zichtbaarheid in zoekmachines ten goede komt.

69 Uptime van de site

Als je site regelmatig niet bereikbaar is door onderhoud of problemen met de server, kan dit een negatief effect op rankings hebben (het kan er zelfs toe leiden dat de site uit de index van Google wordt gegooid als deze problemen niet worden opgelost).

70. Locatie van de server

De locatie van de server is mogelijk van invloed op de rankings van je site in verschillende geografische locaties. Dit is vooral belangrijk voor locatie-specifieke zoekopdrachten.

71. SSL-certificaat

Google heeft bevestigd dat ze SSL-certificaten indexeren en dat ze HTTPS gebruiken als rankingsignaal.

72. Algemene voorwaarden en privacybeleid

Deze pagina’s helpen Google om te bepalen of een website betrouwbaar is.

73. Dubbele meta-informatie op de site

Dubbele meta-informatie op je site kan mogelijk een negatief effect hebben op de rankings in Google.

74. Broodkruimelpad

Dit is een gebruiksvriendelijk hulpmiddel waardoor gebruikers (en zoekmachines) weten waar ze precies zijn op de site:

broodkruimelpad

Zowel SearchEngineJournal.com als Ethical SEO Consulting claimen dat een broodkruimelpad een rankingfactor is.

75. Geoptimaliseerd voor mobiel

Google’s officiële standpunt over mobiele gebruiksvriendelijkheid is om een responsive site te maken. Responsive sites hebben een voordeel bij zoekopdrachten op mobiele apparaten. Google voegt nu ook “Mobile friendly”-tags toe aan sites die mobielvriendelijk zijn. Google is in de mobiele zoekresultaten ook begonnen met het bestraffen van websites die niet mobielvriendelijk zijn.

76. YouTube

Het lijdt geen twijfel dat YouTube-video’s een voorkeursbehandeling krijgen in de zoekresultaten (waarschijnlijk omdat Google de eigenaar is van YouTube):

Search Engine Land ontdekte dat bezoekersverkeer vanuit YouTube fors toenam na Google Panda.

77. Gebruiksvriendelijkheid

Een website die moeilijk te gebruiken of te navigeren is, heeft een negatief effect op rankings door de time on site en het aantal bekeken pagina’s te verminderen en de bounce rate te verhogen. Dit is mogelijk een onafhankelijke algoritmische factor die wordt vastgesteld aan de hand van grote hoeveelheden van gebruikersgegevens.

78. Gebruik van Google Analytics en Google Webmaster Tools

Sommigen geloven dat het gebruik van deze twee tools op je site je rankings kan verbeteren. Ze kunnen ook indirect van invloed zijn op rankings door Google meer data te geven waar ze mee kunnen werken (zoals bijvoorbeeld een accuratere bounce rate, of je wel of geen verwijzingsverkeer krijgt van je backlinks etc.).

79. Gebruikersrecensies/reputatie van een site

De gebruikersrecensies van een site op recensiesites als Yelp.com en RipOffReport.com spelen waarschijnlijk een belangrijke rol in het algoritme. Google postte zelfs een overzicht van hun benadering van gebruikersreviews nadat bleek dat een optiekwebsite klanten afzette in een poging om meer backlinks te krijgen.

Backlinkfactoren

80. Leeftijd van domeinen die naar je linken

Backlinks vanaf oudere domeinen zijn mogelijk krachtiger dan backlinks vanaf nieuwere domeinen.

81. Aantal domeinen dat naar je linkt

Het aantal domeinen dat naar je linkt is een van de belangrijkste rankingfactoren in het algoritme van Google, zoals je kunt zien aan deze grafiek van Moz (de horizontale as is de positie in de zoekresultaten):

aantal linkende root domains

82. Aantal links vanaf afzonderlijke C-class IP’s

Links vanaf afzonderlijke C-class IP-adressen suggereert een grotere veelzijdigheid aan sites die naar je linken.

83. Aantal linkende pagina’s

Het aantal pagina’s dat naar je linkt – zelfs als die zich op hetzelfde domein bevinden – is een rankingfactor.

84. Alt-tekst (voor afbeeldingen)

De alt-tekst is een soort van ankertekst voor afbeeldingen.

85. Links vanaf onderwijs- of overheidswebsites

Matt Cutts heeft aangegeven dat het Top Level Domain niet van invloed is op het belang van een website. Desondanks denken SEO-specialisten dat links vanaf onderwijs- of overheidswebsites (in de VS aangeduid met de extensie .edu en .gov) een speciale plaats hebben in het algoritme van Google.

86. Autoriteit van de pagina die naar je linkt

De autoriteit (PageRank) van de verwijzende pagina is een extreem belangrijke rankingfactor.

87. Autoriteit van het domein dat naar je linkt

De autoriteit van het verwijzende domein kan mogelijk een onafhankelijke rol spelen in het belang van een link (bijvoorbeeld, een link vanaf een PR2-pagina op een website met een homepage van PR3 zou minder waard kunnen zijn dan een link vanaf een PR2-pagina op Yale.edu dat een PR8 heeft).

88. Links van concurrenten

Links vanaf andere concurrerende pagina’s die op hetzelfde zoekwoord ranken, kunnen mogelijk de ranking van de pagina voor dat zoekwoord verbeteren.

89. Aantal social shares van de verwijzende pagina

Hoe vaak de verwijzende pagina gedeeld is op social media, kan van invloed zijn op de waarde van de link.

90. Links vanaf dubieuze sites

Als dubieuze websites naar je linken, kan dat een negatief effect op je rankings hebben.

91. Gastblogs

Ook al kunnen gastblogs een onderdeel zijn van een whitehat-SEO-campagne, links in gastblogs – vooral als die onderaan het gastblog in het “over de auteur”-gedeelte staan – zijn mogelijk minder waardevol dan een contextuele link op diezelfde pagina.

92. Links naar de homepage

Links naar de homepage van een verwijzende pagina zouden een speciale rol kunnen spelen in de beoordeling van het gewicht van een site en een link.

93. Nofollow-links

Een van de meest controversiële onderwerpen in SEO. Google’s officiële standpunt in deze zaak is:

“In general, we don’t follow them.”

Hetgeen suggereert dat ze dit wel doen….althans in sommige gevallen. Als je een bepaald percentage aan nofollow-links hebt, kan dit ook een indicatie zijn van een natuurlijk linkprofiel.

94. Diversiteit aan linktypes

Als je een onnatuurlijk hoog percentage links van 1 type hebt (bijvoorbeeld forumprofielen of blogreacties) kan dit een teken zijn van webspam. Daarentegen zijn verschillende typen links van verschillende bronnen een teken van een natuurlijk linkprofiel.

95. Gesponsorde links of andere woorden rond een link

Als er rond een link woorden staan als “sponsors”, “linkpartners” en “gesponsorde links” vermindert dit mogelijk de waarde van de link.

96. Contextuele links

Links die in de content van een pagina staan, zijn krachtiger dan links op een lege pagina of elders op de pagina.

Contextuele backlinks

Een goed voorbeeld van contextuele links zijn backlinks van guestographics.

97. Excessieve 301-redirects naar een pagina

Links die via een 301-redirect lopen, verminderen de PR, volgens een video van Webmaster Help.

98. Ankertekst van de backlink

Zoals aangegeven in deze beschrijving van Google’s originele algoritme:

“First, anchors often provide more accurate descriptions of web pages than the pages themselves.”

Ankerteksten zijn wel minder belangrijk dan voorheen (ze worden waarschijnlijk gebruikt als een signaal bij het vaststellen van eventuele webspam). Maar het geeft nog steeds een sterk relevantiesignaal.

99. Ankertekst van interne links

De ankertekst van interne links is ook weer een relevantiesignaal, ook al wordt er waarschijnlijk een ander gewicht aan toegekend dan aan de ankertekst van externe links.

100. De linktitel

De linktitel (de tekst die verschijnt wanneer je met de muis op een link staat) wordt ook in beperkte mate gebruikt als een relevantiesignaal.

101. De landextensie van het verwijzende domein

Als je links krijgt van land-specifieke TLD-extensies (.de, .be, .co.uk) kan dit mogelijk helpen om beter te ranken in dat land.

102. Locatie van de link in de content

Links aan het begin van de content hebben iets meer gewicht dan links die aan het einde van de content staan.

103. De locatie van de link op de pagina

Waar de link op de pagina staat, is ook belangrijk. In het algemeen geldt dat links die in de content van de pagina staan, krachtiger zijn dan links in de footer of de sidebar.

104. Relevantie van het verwijzende domein

Een link van een site die over hetzelfde onderwerp gaat is vele malen krachtiger dan een link vanaf een website die helemaal niet gerelateerd is aan die van jou. Daarom is het tegenwoordig een effectieve SEO-strategie om relevante links te verkrijgen.

105. Relevantie van de pagina

Het Hilltop-Algoritme geeft aan dat een link vanaf een pagina die qua onderwerp sterk gerelateerd is, krachtiger is dan een link vanaf een niet-gerelateerde pagina.

106. Sentiment van de link

Google heeft waarschijnlijk wel in de gaten of een link naar jouw site een aanbeveling is, of juist onderdeel van een negatieve recensie. Links met positieve sentimenten hebben waarschijnlijk iets meer gewicht.

107. Zoekwoord in de titel

Google geeft wat extra gewicht aan links vanaf pagina’s die het zoekwoord van jouw pagina in de titel hebben staan (“Experts die naar experts linken”).

108. Positieve linksnelheid

Een site met positieve linksnelheid (de snelheid waarmee het aantal links naar een site groeit) krijgt over het algemeen een boost in de rankings.

109. Negatieve linksnelheid

Negatieve linksnelheid heeft een negatief effect op rankings, aangezien het een signaal is van verminderende populariteit.

110. Links vanaf “hub”-pagina’s

Aaron Wall claimt dat links vanaf belangrijke resource-pagina’s (hubs) meer gewicht hebben.

111. Links vanaf autoriteits-sites

Een link vanaf een website die gezien wordt als “autoriteits-site” heeft een groter effect dan een link vanaf een kleine, minder belangrijke website.

112. Een link vanaf Wikipedia

Ook al zijn de links nofollow, velen denken dat een link vanaf Wikipedia je meer betrouwbaarheid en autoriteit geeft in de ogen van zoekmachines.

113. Woorden rond je backlinks

Woorden die rond je backlinks staan, helpen Google bij het vaststellen van het onderwerp van de pagina waarnaar wordt gelinkt.

114. Leeftijd van de backlink

Volgens een patent van Google zijn oude links krachtiger dan nieuw aangelegde backlinks.

115. Links vanaf echte websites

Vanwege de toename van blog-netwerken, geeft Google waarschijnlijk meer gewicht aan links die van “echte sites” komen dan vanaf fake blogs. Ze gebruiken waarschijnlijk merk-signalen en de mate van gebruikersinteractie om een onderscheid te maken tussen de twee.

116. Natuurlijk linkprofiel

Een site met een “natuurlijk” linkprofiel zal hoger ranken en Google-updates beter kunnen doorstaan.

117. Linkuitwisselingen

Google’s hulppagina over linkuitwisselingsprogramma’s geeft aan dat “overmatige linkuitwisselingen” de positie van een site in de zoekresultaten negatief kan beïnvloeden.

118. Links die door gebruikers worden gemaakt

Google is in staat om een onderscheid te maken tussen links die door gebruikers worden geplaatst en links die door de website-eigenaar worden geplaatst. Bijvoorbeeld, ze weten dat een link vanaf het officiële WordPress.com-blog op en.blog.wordpress.com totaal verschillend is van een link vanaf besttoasterreviews.wordpress.com.

119. Links via een 301

Links die lopen via een 301-redirect verliezen mogelijk wat kracht in vergelijking met een directe link. Matt Cutts daarentegen geeft aan dat een 301-link vergelijkbaar is met een directe link.

120. Schema.org microformats

Pagina’s die microformats ondersteunen ranken mogelijk hoger dan pagina’s die dat niet ondersteunen. Dit zou een directe boost kunnen zijn of het ligt mogelijk aan het feit dat pagina’s met microformatting een hogere click-through-rate hebben:

microformats121. Vermelding in DMOZ

Velen zijn van mening dat Google iets meer vertrouwen heeft in sites die worden vermeld in DMOZ.

122. De TrustRank van de verwijzende site

De betrouwbaarheid van de verwijzende site bepaalt hoeveel “TrustRank” er aan jouw site wordt doorgegeven.

123. Aantal externe links op een pagina

PageRank heeft een limiet. Een link op een pagina met honderden externe links geeft minder PR door dan een pagina met slechts enkele externe links.

124. Links in forumprofielen

Vanwege spam, devalueert Google mogelijk links in forumprofielen.

125. Aantal woorden van de verwijzende pagina

Een link vanaf een pagina met 1.000 woorden is waardevoller dan een link in een stukje tekst van 25 woorden.

126. Kwaliteit van de verwijzende pagina

Links vanaf slecht geschreven pagina’s geven minder waarde door dan links vanaf goed geschreven pagina’s met sterke inhoud (tekst en multimedia).

127. Links op siteniveau

Matt Cutts heeft bevestigd dat links op siteniveau worden “gecomprimeerd” en slechts als 1 link tellen.

Gebruikersinteractie

128. Organische CTR voor een zoekwoord

Pagina’s die vaker worden aangeklikt in de zoekresultaten (en dus een hogere CTR hebben), kunnen mogelijk een rankingboost krijgen voor dat specifieke zoekwoord.

129. Organische CTR voor alle zoekwoorden

De organische CTR van een pagina (of website) voor alle zoekwoorden waar die pagina (of website) op rankt, kan mogelijk een signaal zijn voor gebruikersinteractie.

130. Bounce rate

Niet iedereen in de SEO-wereld is het erover eens dat bounce rate van belang is, maar het kan mogelijk een manier zijn van Google om zijn gebruikers in te zetten als kwaliteitstesters (pagina’s waar mensen snel weer weg-bouncen zijn waarschijnlijk niet zo goed).

131. Direct bezoekersverkeer

Het is bevestigd dat Google data gebruikt van Google Chrome om te bepalen of mensen een site bezoeken (en hoe vaak). Sites met veel direct bezoekersverkeer zijn waarschijnlijk van hogere kwaliteit dan sites die slechts weinig direct bezoekersverkeer hebben.

132. Terugkerende bezoekers

Google kijkt mogelijk ook of gebruikers weer teruggaan naar een pagina of site na een eerder bezoek. Sites met terugkerende bezoekers krijgen mogelijk een rankingboost van Google.

133. Geblokkeerde sites

Google gebruikt deze feature niet meer in Chrome. Maar Panda gebruikte dit wel als kwaliteitssignaal.

134. Chrome-bladwijzers

We weten dat Google gebruikersgegevens verzamelt van Chrome. Pagina’s die gebookmarkt worden in Chrome, krijgen mogelijk een rankingboost.

135. Data van Google Toolbar

Danny Goodwin van Search Engine Watch geeft aan dat Google data van de toolbar gebruikt als rankingsignaal. Afgezien van laadsnelheid en malware, is echter niet bekend wat voor soort data ze afleiden uit de toolbar.

136. Aantal reacties

Pagina’s met veel reacties kunnen een signaal zijn van gebruikersinteractie en kwaliteit.

137. Dwell time

Google let sterk op “dwell time”: hoe lang mensen op jouw pagina blijven als ze daar aankomen vanuit een zoekopdracht in Google. Dit wordt soms ook aangeduid als “long clicks vs short clicks”. Als mensen veel tijd spenderen op je site, wordt dit mogelijk gebruikt als kwaliteitssignaal.

Speciale algoritmeregels

138. Query Deserves Freshness

Google geeft nieuwere pagina’s een boost voor bepaalde zoekopdrachten.

139. Query Deserves Diversity

Google geeft mogelijk meer diversiteit aan zoekresultaten voor onduidelijke zoekwoorden, zoals “Ted”, “WWF” of “ruby”.

140. Browsegegevens van een gebruiker

Sites die je vaak bezoekt terwijl je ingelogd bent in Google krijgen een boost in de rankings voor de zoekopdrachten die je hebt gebruikt.

141. Zoekgeschiedenis van een gebruiker

Zoekopdrachten beïnvloeden zoekresultaten voor opvolgende zoekopdrachten. Bijvoorbeeld, als je eerst zoekt op “recensies” en daarna op “broodroosters”, is de kans groot dat sites met recensies van broodroosters hoger worden getoond in de zoekresultaten.

142. Locatie

Google geeft de voorkeur aan sites met een lokaal server-IP en een land-specifieke domeinextensie. Een site met een .nl-domeinnaam zal dus hoger ranken in Google NL dan een site met een andere land-extensie, zoals .be.

143. Safe search

Zoekresultaten met scheldwoorden of pornografische content zullen niet verschijnen voor mensen die Safe Search hebben ingeschakeld in Google.

144. Google+-kringen

Google laat auteurs en sites die je hebt toegevoegd aan jouw Google+-kringen hoger zien in jouw zoekresultaten.

145. DMCA-klachten

Google plaatst pagina’s die DMCA-klachten hebben ontvangen lager in de zoekresultaten.

146. Domein-diversiteit

De zogenaamde Bigfoot-update heeft er waarschijnlijk voor gezorgd dat Google meer verschillende domeinen laat zien op elke zoekresultatenpagina.

147. Koopgerelateerde zoekopdrachten

Google laat soms andere resultaten zien voor koopgerelateerde zoekopdrachten, zoals zoekopdrachten naar vliegtickets.

148. Lokale zoekopdrachten

Google plaatst lokale resultaten van Google+ vaak boven de “normale” organische zoekresultaten.

lokale zoekresultaten

149. Google News Box

Sommige zoekwoorden triggeren een Google News Box:

google news box

150. Voorkeur voor grote merken

Na de Vince-update begon Google grote merken een boost te geven voor bepaalde generieke zoekopdrachten.

151. Shopping-resultaten

Google laat soms Google Shopping-resultaten zien in organische zoekresultaten:

google shopping

152. Afbeeldingen

Google laat afbeeldingen zien in de zoekresultaten voor zoekopdrachten die vaak worden gebruikt op Google Image Search.

153. Easter Egg-resultaten

Google heeft een aantal “Easter Egg“-resultaten. Bijvoorbeeld, als je zoekt op “Atari Breakout” in Google Image Search, dan veranderen de zoekresultaten in een speelbare game (!).

154. Siteresultaten voor merken

Domein- of merk-gerelateerde zoekopdrachten geven meerdere zoekresultaten van dezelfde site.

Social Media-signalen

155. Aantal tweets

Net zoals links, kan het aantal tweets dat een pagina heeft de ranking in Google beïnvloeden.

156. Autoriteit van de Twitter-accounts

Het is waarschijnlijk dat tweets vanaf al lang bestaande Twitterprofielen met veel autoriteit en veel volgers (zoals bijvoorbeeld Justin Bieber) meer effect hebben dan tweets vanaf nieuwe accounts met weinig autoriteit.

157. Aantal Facebook-likes

Ook al kan Google de meeste Facebook-accounts niet zien, is het waarschijnlijk dat het aantal Facebook-likes dat een pagina heeft, gebruikt wordt als een rankingssignaal.

158. Facebook-shares

Facebook-shares lijken meer op backlinks en hebben waarschijnlijk een groter effect dan Facebook-likes.

159. Autoriteit van Facebook-gebruikers

Net zoals bij Twitter, hebben Facebook-shares en -likes vanaf populaire Facebookpagina’s meer gewicht.

160. Pinterest-pins

Pinterest is een erg populair social media-platform met veel publieke data. Het is waarschijnlijk dat Google Pinterest-pins als een social media-signaal gebruikt.

161. Stemmen op social sharing sites

Het is aannemelijk dat Google stemmen op sites als Reddit, Stumbleupon en Digg gebruikt als een social media-signaal.

162. Aantal Google+1’s

Ook al heeft Matt Cutts aangegeven dat Google+ “geen direct effect” op rankings heeft, is het moeilijk te geloven dat ze hun eigen sociale netwerk zouden negeren.

163. Autoriteit van Google+-gebruikers

Het ligt voor de hand dat Google meer gewicht toekent aan +1’s van accounts met veel autoriteit dan van accounts met weinig volgers.

164. Auteurschap

In februari 2013 zei de CEO van Google Eric Schmidt:

“Within search results, information tied to verified online profiles will be ranked higher than content without such verification, which will result in most users naturally clicking on the top (verified) results.”

Ook al wordt het Google+-auteurschapprogramma niet meer gebruikt, is het waarschijnlijk dat Google een bepaalde vorm van auteurschap gebruikt om bepaalde invloedrijke auteurs online te identificeren (en ze een boost te geven in de rankings).

165. Relevantie van sociale signalen

Google gebruikt waarschijnlijk informatie van het account dat de content deelt en de tekst die rond de link staat, om de relevantie te beoordelen.

166. Sociale signalen op siteniveau

Sociale signalen op siteniveau kunnen de autoriteit van de site vergroten, hetgeen de zichtbaarheid in zoekmachines van de gehele site weer vergroot.

Merksignalen

167. Merknaam als ankertekst

Als de merknaam als ankertekst wordt gebruikt is dat een simpel, maar sterk, merksignaal.

168. Zoekopdrachten op merk

Het is eenvoudig: mensen zoeken op merken. Als mensen naar jouw site zoeken in Google (bijvoorbeeld “TekstMeester twitter, TekstMeester + “rankingfactoren”), dan neemt Google dit naar alle waarschijnlijkheid mee bij het beoordelen van een merk.

169. Site heeft een Facebookpagina en likes

Merken hebben over het algemeen Facebookpagina’s met veel likes.

170. Site heeft Twitterprofiel met volgers

Twitterprofielen met veel volgers zijn een indicatie van een populair merk.

171. Officiële LinkedIn-bedrijfspagina

De meeste grote bedrijven hebben LinkedIn-bedrijfspagina’s.

172. Werknemers met een LinkedIn-profiel

Rand Fishkin denkt dat LinkedIn-profielen die aangeven dat ze voor jouw bedrijf werken, een merksignaal is.

173. Legitimiteit van social media-accounts

Een social media-account met 10.000 volgers en 2 posts wordt waarschijnlijk anders beoordeeld dan een ander account met 10.000 volgers, maar met heel veel gebruikersinteractie.

174. Vermeldingen van het merk op nieuwssites

Grote merken worden regelmatig op belangrijke nieuwssites genoemd. Sommige merken hebben zelfs een eigen Google Nieuws-feed op de eerste pagina:

google nieuws voor merken

175. Co-citaties

Merken worden vaak genoemd zonder dat er naar ze wordt gelinkt. Google beschouwt niet-gehyperlinkte vermeldingen van merken waarschijnlijk als een merksignaal.

176. Aantal RSS-abonnees

Aangezien Google de populaire Feedburner RSS-dienst in eigendom heeft, ligt het voor de hand dat ze kijken naar gegevens over RSS-abonnees als een merk- en populariteitssignaal.

177. Kantoorlocatie met lokale Google+-vermelding

Grote bedrijven hebben kantoren. Het is mogelijk dat Google kijkt naar locatiegegevens om te bepalen of een site een groot merk is of niet.

178. Website is een bedrijf dat belasting betaalt

Moz geeft aan dat Google mogelijk kijkt of een site is geassocieerd met een bedrijf dat belasting betaalt.

On-site webspam-factoren

179. Panda-penalty

Sites met content van lage kwaliteit (voornamelijk zogenaamde “content farms“) zijn minder zichtbaar geworden in Google nadat ze een Panda-penalty hebben gekregen.

180. Links naar dubieuze sites

Als je linkt naar dubieuze sites – zoals porno- of goksites – kan dit je rankings aantasten.

181. Redirects

Redirects die een zoekmachine voor de gek proberen te houden, zijn niet toegestaan. Als je gepakt wordt, kan je site niet alleen een penalty krijgen, maar zelfs geheel uit de index worden gegooid.

182. Pop-ups of afleidende advertenties

Het officiële Google Rater Guidelines Document geeft aan dat pop-ups en afleidende advertenties een teken zijn van een site van lage kwaliteit.

183. Overoptimalisatie van de site

Hier vallen on-page factoren onder, zoals overmatig gebruik van zoekwoorden in de tekst en de header tags.

184. Overoptimalisatie van de pagina

Veel mensen geven aan dat Pinguïn – in tegenstelling tot Panda – zich richt op individuele pagina’s (en zelfs dan alleen voor bepaalde zoekwoorden).

185. Advertenties boven de vouw

Het “Page Layout Algorithm” bestraft websites met advertenties (en weinig content) boven de vouw (dit betekent: bovenaan de pagina voordat je begint met scrollen).

186. Affiliatelinks verbergen

Als je te ver gaat met het verbergen van affiliatelinks (vooral door middel van cloaking) kan je een penalty krijgen.

187. Affiliatesites

Het is geen geheim dat Google geen fan is van affiliatesites. En velen denken dat sites die een verdienmodel hebben met affiliatelinks extra onder de loep worden genomen.

188. Automatisch gegenereerde content

Google is geen fan van automatisch gegenereerde content. Als ze vermoeden dat je site computer-gegenereerde content produceert, kan het resulteren in een penalty of de-indexering.

189. Overmatige pogingen PageRank te manipuleren

Als je te ver gaat met “PageRank sculpting” – door alle externe links of de meeste interne links een nofollow te geven – kan dit een teken zijn dat je Google om de tuin probeert te leiden.

190. IP-adres aangemerkt als spam

Als het IP-adres van je server is aangemerkt als spam, kan dit een negatief effect hebben voor alle sites die op die server staan.

191. Spammen met metatags

Overmatig gebruik van zoekwoorden kan ook plaatsvinden in de metatags. Als Google denkt dat je zoekwoorden aan de metatags toevoegt om het algoritme voor de gek te houden, kunnen ze je site een penalty geven.

metatags

Off-page webspam-factoren

192. Onnatuurlijk aanwas van links

Een plotselinge (en onnatuurlijke) aanwas van links is een duidelijk signaal van gemanipuleerde links.

193. Pinguïn-penalty

Sites die geraakt zijn door Google Pinguïn zijn een stuk minder zichtbaar in de zoekresultaten.

194. Linkprofiel met een hoog percentage links van lage kwaliteit

Veel links vanaf sites die vaak gebruikt worden in de wereld van black hat-SEO (zoals blogreacties en forumprofielen) kan een signaal zijn van spam.

195. Relevantie van het verwijzende domein

MicroSiteMasters.com heeft geconstateerd dat sites met een onnatuurlijk hoog aantal links vanaf ongerelateerde sites vaker in de problemen kwamen met Google Pinguïn.

links uit zelfde niche

196. Waarschuwing van onnatuurlijke links

Google heeft via Google Webmaster Tools duizenden waarschuwingen verstuurd dat er onnatuurlijke links waren gedetecteerd. Dit gaat meestal vooraf aan een verlies in rankings, hoewel dit niet in alle gevallen zo is.

197. Links vanaf dezelfde C-class IP

Als je een onnatuurlijk aantal links krijgt vanaf sites met dezelfde server-IP, kan dit een teken zijn van linkbuilding via een blognetwerk (en dit is niet toegestaan).

198. “Vergiftigde” ankertekst

Als er links met “vergiftigde” ankerteksten naar je site wijzen (vooral op het gebied van pillen/medicijnen), kan dit een teken zijn van spam of een gehackte site. In ieder geval kan het een negatief effect hebben op je rankings.

199. Handmatige penalty

Google heeft ook handmatige penalties uitgedeeld, zoals in het geval van Interflora.

200. Links verkopen

Links verkopen kan je PageRank en rankings negatief beïnvloeden.

201. Google Sandbox

Nieuwe sites die een plotseling aanwas van links krijgen, worden soms in de Google Sandbox geplaatst, hetgeen tijdelijk de zichtbaarheid van de site in Google beperkt.

202. Google Dance

De Google Dance kan tijdelijk de rankings veranderen. Volgens een Google-patent, zou dit een manier kunnen zijn om te bepalen of een site al dan niet probeert Google voor de gek te houden.

203. Disavow tool

Het gebruik van de Disavow tool kan een handmatige of algoritmische penalty opheffen voor sites die het slachtoffer zijn geworden van negatieve SEO.

204. Herzieningsverzoek

Een succesvol herzieningsverzoek kan een penalty ongedaan maken.

205. Tijdelijke linkmanipulatie

Google heeft mensen betrapt bij het creëren – en snel weer verwijderen – van spamlinks. Dit staat ook wel bekend als tijdelijke linkmanipulatie.

Hoe kan ik deze informatie voor mijn website gebruiken?

Ik heb een gratis checklist gemaakt die je kunt gebruiken om snel de belangrijkste informatie uit dit artikel toe te passen voor je site.

De checklist bevat de 10 belangrijkste rankingfactoren van deze lijst….

….en superpraktische strategieën die je kunt gebruiken om hogere rankings en meer bezoekersverkeer te krijgen.

Klik hieronder voor je gratis checklist:

logo van BacklinkoDit artikel is met toestemming vertaald en gepubliceerd. 

Het oorspronkelijke, Engelstalige artikel verscheen op de website van Brian Dean van Backlinko.

Click Here to Leave a Comment Below 3 comments
Femke - 09/06/2017

Wat een supercompleet overzicht in dit lijvige artikel! En voor degenen die door de bomen het bos niet meer zien; een hele handige checklist met de 10 belangrijkste factoren waarmee je zelf direct aan de slag kunt.
groeten, Femke

Reply
Nathan Veenstra - 30/01/2018

Ik ben eerlijk gezegd al geen fan van Brian Dean. Hij weet wat, kan wat, maar is ook een type dat graag van alles verkondigt zonder dat goed te onderbouwen. Dat is ook wat er wat mij betreft mis is met deze lijst. Daarom schreef ik dit artikel: https://letterzaken.nl/google-200-seo-factoren/

Reply
    Michiel Brand - 30/01/2018

    Dank voor je reactie, Nathan! Ja, ik had jouw artikel al eerder eens gelezen. Het is zeker waar dat er heel wat haken en ogen aan zo’n lijst van 200 zitten. Aan de andere kant is het een manier om nuttige informatie te verpakken onder een algemene noemer die veel mensen wel eens gehoord hebben en daar is wat mij betreft niets mis mee. Het belangrijkste is dat een lezer met de genoemde factoren aan de slag kan. Het zou een ander verhaal zijn als iemand zou claimen te weten dat het A) een lijst van 200 factoren is en B) ook nog eens te weten wat al die factoren dan precies zijn. Maar dat zal iemand niet snel kunnen beweren en dat doet Brian ook niet. Aan het begin van zijn artikel zegt hij al “Some are proven. Some are controversial. Others are SEO nerd speculation.” Hij geeft aan dat er veel controverse en speculatie in die lijst zit en hoe kan dat ook anders in de wereld van SEO. Google houdt het grootste deel van zijn kaarten tegen de borst en een belangrijk deel van de SEO-kennis berust op aannames en speculatie. Dat maakt het tegelijk ook zo’n interessant vakgebied 🙂

    Reply

Leave a Reply: